Omdat dit onderzoek een discussie op de lijsten geeft zal ik het gehele
artikel overtikken zodat eenieder op de hoogte is van wat geschreven is.
EEN GEESTELIJK VERSTUIKTE NEK, Veel mensen met een whiplash houden
jarenlang klachten. Om die lijdensweg te verlichten, moet vroegtijdig
een psycholoog worden ingeschakeld, door Maarten Evenblij.
Daaronder een foto van, denk ik een man, met een halskraag.
Whiplash is feitelijk niet veel anders dan lage rugpijn, alleen wat
hoger. De oorzaak is weliswaar anders en ook een aantal symptomen
verschilt, maar de manier waarop mensen hun klachten presenteren, is
vergelijkbaar en ook is van beide verschijnselen het exacte mechanisme
onduidelijk. ""whiplash bestaat wel degelijk"" zegt drs. Gerbrig
Versteegen, in reactie op de heersende discussie. "" Mensen hebben er
immers last van, net als lage rugpijn. Welke naam je er vervolgens
aangeeft, is een andere discussie."" De gezondheidspsychologie
promoveert woensdag aan de Rijksuniversiteit Groningen op een studie
naar whiplash.
In z''n duidelijkste vorm is dat een discorsie van de nek door het
zogeheten overrekken en overstrekken van de gewrichtsbanden en -kapsels.
Vergelijkbaar met het verstuiken van een enkel.
Zo"n verstuikte nek werd al in 1928 beschreven en whiplash genoemd, maar
pas in de jaren 80 schoten de wetenschappelijke artikelen over het
onderwerp en het aantal mensen met whiplash omhoog. In de medische
handboeken komt distorsie van de nek al drie decennia voor. Versteegen
dook in de archieven en voor het eerst bracht zij de ontwikkeling van
whiplash in een regio in kaart. Ze analyseerde de Groningse gegevens
over de periode van 1970 tot 1995. In 1970 meldden zich 10 patiënten met
een door een auto-ongeluk veroorzaakte whiplashklachten, 1n 1995 waren
dat er 122 (in 2000 nam dat aantal overigens af tot 77). Het aantal
patiënten dat het ziekenhuis bezocht met dergelijke klachten, veroorzaakt
door andere ongelukken (een val, sporten, fietsongeluk ) vervijfvoudigde
in die periode tot ongeveer 66 per jaar.
Het zal ongetwijfeld gaan om een te laag cijfer omdat niet iedereen met
nekklachten naar het ziekenhuis of zelfs naar de huisarts gaat. Maar
opvallend is de grote stijging van het aantal klachten in de laatste vijf
jaar van mijn onderzoeksperiode. Vooral onder automobilisten. Die
stijging is bij lange na niet te verklaren door meer auto''s en meer
gereden kilometers of de invoering van autogordels in 1975, zegt
Versteegen. In totaal komt zij op een voorkomen van minimaal zeventig
whiplashpatiënten op elke honderduizend inwoners in de regio Groningen.
Bij auto-whiplashers evenveel vrouwen als mannen, wat vreemd is omdat
mannen meer auto rijden van vrouwen. Bij whiplashers door andere
oorzaken een derde meer mannen dan vrouwen en bij kinderen en jongeren
meer dan bij volwassenen. Maar wat die sterke toename veroorzaakt,
blijft onduidelijk. Komt het doordat mensen vaker een whiplash oplopen,
door de grotere publiciteit waardoor men eerder naar een dokter stapt,
door een grotere alertheid van artsen op het fenomeen of doordat mensen
in het algemeen meer naar de dokter gaan? Versteegen weet het niet, maar
dat whiplash "" tussen de oren"" zou zitten, kan haar onderzoek in elk
geval niet bevestigen.
Versteegen onderzocht tweehonderd van de vijfhonderd mensen die in die
periode 1990 - 1995 met een verstuiking van de nek het AZG bezochten. Die
retourneerden een uitgebreide vragenlijst over de aard van het ongeval,
lichamelijke en psychische klachten en het gebruik van de gezondheidszorg
voor en na het ongeluk. Daarnaast rapporteerden zij beperkingen die zij in
hun dagelijks leven ervoerden en ingrijpende gebeurtenissen (zoals de dood
van een naaste, ernstige ziekte, zwangerschap, aanschaf van een huis) die
zich vanaf een jaar voor het ongeluk hadden voorgedaan. ook vulde men
psychologische vragenlijsten in, waarmee Versteegen duidelijkheid kreeg
over bijvoorbeeld de persoonlijkheid van de geënquêteerden.
De helft tot driekwart van de mensen die een whiplash opliepen, bleek nog
steeds klachten te hebben. Vooral fysieke, zoals nek-, hoofd-- en
schouderpijn en vermoeidheid, maar ook psychische, waaronder
concentratieproblemen, de depressiviteit, verdriet en slaapstoornissen. ""
We hebben niet kunnen vaststellen dat mensen die belangrijke
gebeurtenissen in hun leven meemaakten meer kans op chronische klachten
hebben dan anderen"" constateerde Versteegen.
Wel zien we een relatie tussen persoonlijkheid en de klachten die men
heeft met de kans op een chronische whiplash. Mensen met een wat
neurotische persoonlijkheid die veel lichamelijke lachten melden, hebben
meer kans dat hun klachten chronisch worden.
Versteegen behandelt bij het Gronings pijncentrum zelf veel mensen met
chronische rug- en nekklachten. We komen er steeds meer achter dat die
twee aandoeningen zowel een lichamelijke als een psychische component
hebben. Bij lage rugpijn is altijd gezocht naar een lichamelijke
afwijking. Die kan echter heel vaak niet gevonden worden. Daarom besluit
men steeds vaker om naast een fysiotherapeutische aanpak en weer leren
bewegen ook tot een psychologische benadering over te gaan.
Daarbij gaat het om het omgaan met pijn, met de houding ten aanzien van
ziekte, lichamelijke beperkingen, met stress, zelfs met conflicten.
Versteegen: Dat geschiedt in een steeds vroeger stadium. Al na enkele
weken. Dat zou met whiplash ook moeten. De eerste dagen rustig aandoen,
maar al snel - eventueel met pijnstillers - weer (leren) bewegen en
zonodig fysiotherapie. Lukt dat na een maand nog steeds niet, dan is
het goed om ook een psycholoog in te schakelen.
Einde verhaal.
Mijn eigen eerste reactie in een volgend mailtje)
Joop v. P.